Van Bronckhorst geeft update over confrontatie Hadj Moussa en Steijn: "Ik heb ze allebei apart gesproken"
Feyenoord verloor woensdag op pijnlijke wijze met 1-0 van Real Betis in de Champions League. Na afloop was er dan ook sprake van irritatie bij een aantal spelers. Met name bij Anis Hadj Moussa en Sem Steijn liepen de gemoederen hoog op. Het tweetal raakte na het laatste fluitsignaal met elkaar in een opstootje, waarna teamgenoten tussenbeide moesten komen. Giovanni van Bronckhorst reageerde vrijdag op het voorval.
Van Bronckhorst vertelt dat er inmiddels intern is gesproken over de ruzie tussen de twee Feyenoorders. “Inmiddels is dat geblust. We hebben met beide jongens gezeten, ook vandaag. Het is iets wat je niet wilt. Je merkt dat daardoor ook de focus ligt op wat er na de wedstrijd gebeurt. Dat vonden zij beiden ook. Daarmee is het voor mij klaar. Nu gaan we op naar zondag.”
Toch is het journaille in de zaal nog niet klaar met het akkefietje tussen Hadj Moussa en Steijn. Een dergelijk moment past immers niet in het positieve beeld dat de buitenwereld van dit Feyenoord heeft. “Nee, duidelijk niet. Maar dat zijn ook dingen die gebeuren. Je moet daar vanaf dat moment mee omgaan. Niet alleen ik, maar ook die spelers. Dat zijn zeker momenten die je niet verwacht. Uiteindelijk blijft het ook voetbal, en voetbal is emotie. Dat speelt natuurlijk altijd in een ploeg.”
Van Bronckhorst heeft de gemoederen inmiddels dus bedaard door met beide spelers in gesprek te gaan. “Ik heb ze allebei apart gesproken. Ik vond het wel goed om het verhaal van beiden aan te horen. Er zaten twee kanten aan het verhaal. Je moet ze ook de ruimte geven om hun gevoel te tonen en hun emoties te uiten. Dat gaat denk ik wat beter als je apart bent dan samen. Dat is ook vaak hoe ik zo’n situatie oplos.”
Volgens de trainer berustte de onenigheid vooral op een misverstand. “Inhoudelijk ging het om een bal die niet gegeven werd. Ik kan dat ook wel begrijpen; je zit met emoties, waarbij Sem dacht dat hij de bal kon krijgen en dacht dat hij wat vrijer stond dan hij daadwerkelijk was. Ik had ook zo’n momentje bij het balverlies van Luciano Valente, waarbij ik dacht dat we achter één-op-één stonden, maar dat was ook niet zo. Soms heb je het zo kort na een wedstrijd nog niet helemaal helder. Uiteindelijk gaat het ook om wat er in je hoofd afspeelt en hoe je daarop reageert. Vaak heb je een heel ander beeld als je het later terugziet.”