Jim Breeman Sports Photography
De Belg die Rotterdam en Feyenoord als tweede thuis blijft zien: "Varkenoord heeft me gevormd"
Op Varkenoord groeide Gill Swerts op al bleef de echte doorbraak bij Feyenoord uit. Zijn doorzettingsvermogen brachten hem uiteindelijk wel tot de selectie van de Rode Duivels en een kampioenschap bij AZ. Perspectief sprak met de ‘Venetiaanse blonde’ verdediger.
De afspraak was snel gemaakt met Gill Swerts. Een app-verkeer van vijf minuten. ,,Natuurlijk,’’ als reactie op de vraag mee te werken aan een verhaal. Op het moment van bellen zit hij in de auto met aanhanger op weg naar de stort. Het was tijd om thuis spullen te verwijderen en daarmee ruimte te maken. Als Belg is hij niet ver verwijderd van Nederland. De regio Antwerpen. Daar begint de terugblik. Gill werd geboren in Brasschaat, gelegen net over de grens. ,,Mijn ouders hadden vier kinderen,’’ vertelt hij. ,,Waarvan ik de jongste was.’’ Zijn ouders gaven hem veel mee. ,,Ik heb normen en waarden vanuit huis meegenomen en leerde dat je van hard werken niet minder wordt.’’ Overigens volgt Gill’s moeder haar zoon nog altijd op de voet en verzamelt alle interviews en artikelen over hem.
Gouden lichting
Op zijn veertiende jaar vertrok hij van huis, richting het op 80 kilometer gelegen Rotterdam. ,,Als 11-jarige was ik al eerder in het oog gesprongen,’’ herinnert de nu 43-jarige Gill zich. ,,Bij een toernooi dat mijn club Beveren speelde in Rotterdam-Kralingen. Mijn vader vond me echter nog te jong.’’ Benaderd maar dus niet toegehapt. Op zijn veertiende speelde hij met de Nationale Jeugdselectie tegen Nederland. Het was Frans Bouwmeester sr. die hem scoutte. Ik wilde meer, trainde doordeweeks slechts twee keer, terwijl je bij clubs als Club Brugge en FC Antwerp vier maal trainde. Feyenoord nodigde mij uit en ik ben met mijn ouders op een woensdag naar Rotterdam gereden.
Toen we kwamen aanrijden bij Varkenoord was ik direct verkocht. Het was een appeltje-eitje verhaal.’’ In de B- en A-jeugd speelde hij met Saïd Boutahar, Leonardo, Robin van Persie en Thomas Buffel die allen een grote toekomst werden toegedicht. Het was een gouden lichting. ,,Ik werd omringd door goede spelers. Tijdens een toernooi in Ierland deed ik het goed. Dat zag Henk van Stee, die voor mij een belangrijk persoon was in die periode, en liet mij versneld doorstromen.’’
Gastouders
Omdat heen- en weer rijden vanuit de regio Antwerpen geen optie was, ‘er waren nog drie kinderen die aandacht verdienden’ werd Gill ondergebracht in een internaat, zoals hij het noemt: bij een gezin in Rotterdam-Beverwaard. Dat waren twee geschakelde woningen: een voor de gastouders, de andere voor jeugdspelers. Hij bleef er tot zijn zeventiende, verhuisde naar Zuidplein waar de club appartementen in de flats beheerde.
Nog steeds met gastouders. ,,Maar alles was erop gericht dat je meer verantwoordelijkheden oppakte, en volwassen en zelfstandig werd.’’ Met Gill kwam dat goed. ,,Je hebt een bepaalde discipline nodig. Dit om de af- en verleidingen te weerstaan. Zo niet, dan kan het fout lopen. Welke keuze wil je maken?’’ Gill zag het om zich heen gebeuren: Jonge spelers die met meer talent waren gezegend, die afhaakten of in het onbekende verdwenen. ,,Nee, het was en is niet voor iedereen weggelegd. Nu ik 43 jaar ben, denk ik weleens: ‘Ik heb toch maar stand weten te houden’. Natuurlijk, ook ik had mijn moeilijke momenten.’’
Rode Duivel
Een basisplaats kwam niet in het zicht. Een uitleenperiode aan Excelsior volgde met als trofeeën een kampioenschap en een daaropvolgende degradatie. ,,Trainer Bert van Marwijk wilde niet dat ik in de eerste divisie ging spelen en haalde mij terug onder het mom van ‘we zien wel hoe het gaat lopen’. Jammer genoeg kreeg in die tijd de jeugd minder kans en was het vizier gericht op spelers uit het buitenland. Dan is het gewoon moeilijk om door te breken.’’ Later kwamen de kansen er voor de jeugd wel, een noodzaak als gevolg van de benarde financiële positie. Zeker toen ‘jeugd’ het een verdienmodel werd.
Speler van het jaar
Toch speelde Gill 17 wedstrijden voor Feyenoord. Zijn jeugd-contract liep af, en werd naar ‘boven’ geroepen voor een gesprek. Ondertussen waren Rob Baan en Van Marwijk weg, en hadden Ruud Gullit en Mark Wotte hun plaatsen ingenomen. ,,Ik verdiende eigenlijk niets,’’ vond ik. ,,En dacht daarom dat ze me een verbeterd contract gingen aanbieden. Niet dus. Een gesprek van vijf minuten volgde waarin ik te horen kreeg geen tweede, of derde keus te zijn maar dat ik weg kon vertrekken.’’ Dat werd een seizoen ADO Den Haag, gevolgd door drie succesvolle jaren bij Vitesse. Daar werd hij zelfs uitgeroepen tot ‘speler van het jaar’. Dat bleef in België niet ongezien. Op 1 maart 2006 debuteerde hij met de Rode Duivels in een vriendschappelijke wedstrijd tegen Luxemburg. Als flankverdediger werd hij uiteindelijk 27 maal geselecteerd en verscheen daarvan 17 duels daadwerkelijk op het veld.
Kampioenschap en Gertjan Verbeek
In 2008 vertrok Gill naar AZ. Trainer Louis van Gaal haalde hem puur voor de rechtsbackpositie. ,,Hij was de eerste coach die ik meemaakte, die zowel naar het proces keek als naar de individuele ontwikkeling. Ik heb veel van hem geleerd en van die periode.’’ Gill had daarvoor nooit een vaste positie op het veld. Het wisselde van links naar rechts, zowel achterin als in de middenlinie. Bij AZ kon Gill een kampioenschap (2008/09) op zijn palmares bijschrijven.
In zijn derde AZ-seizoen kwam Gert-Jan Verbeek als trainer voor de groep te staan. ,,Bizar,’’ kijkt hij terug op die trainerswissel. ,,Mijn verhaal in Alkmaar bleek gelijk geschreven. Ik viel er buiten, kon bij het jeugdteam aansluiten om ritme en conditie op peil te houden. Ik speelde onder andere mee tegen Feyenoord. Langs de lijn stonden Mario Been en Leo Beenhakker. Zij vonden ‘spelen bij de jeugd’ niet goed voor me en haalden me over naar Feyenoord te komen. Op huurbasis, vanaf januari.
Het was de periode dat de jeugd bij Feyenoord kansen kreeg. Daar zaten spelers bij als Stefan de Vrij en Georginio Wijnaldum. Je zag toen al dat zij nog stappen gingen maken.’’ Anderhalf seizoen duurde zijn verblijf bij Feyenoord. ,,Merkte dat ik lang niet had gespeeld en haalde mijn niveau niet. Vervolgens scheurde ik mijn achillespees en lag er lang uit. Nee, het is niet geworden wat Leo, Mario en ik er van hadden verwacht. Beide mannen had ik al in de jeugd meegemaakt. Leo als trainer en Mario als assistent. Mannen met veel know how en een hart voor Feyenoord!’’ Daarom baalde Gill van de manier waarop Been aan de kant werd geschoven. ,,Voor mij is dat een zwarte pagina. Op het trainingskamp was ik er niet bij, ik was nog aan het revalideren van de blessure. Vooraf was ik door niemand op de hoogte gebracht, en moest het daarom de volgende dag in de krant lezen.’’
Een Venetiaanse blonde
Gill was een echte ‘kaarten’man. ,,Dat klopt, het zat in mijn spel opgesloten. Pakte vooral geel want het totaal aan rode kaarten bleef beperkt tot acht. Ik was geen vuile speler, speelde wel op het randje, maar niet om de tegenstander te blesseren. Maar goed, je kunt zeggen dat ik een donder op het veld was. Geen ‘rooie’ maar zoals ik altijd zeg een ‘Venetiaanse blonde’. Het maakte me niet uit hoe groot of sterk de tegenstander was.’’ Zijn vechtersmentaliteit wijt hij aan zijn jeugdjaren. ,,Ik voetbalde op straat met mijn broers (waarvan er één professioneel Thaibokser werd) en vrienden. Daar was ik vaak de jongste en moest vechten om de bal te krijgen. Ik moest van me af bijten en weerbaar worden. Later leerde ik als voetballer hoe te spelen in dienst te spelen van iemand die beter is.’’
Zijn carrière stokte als gevolg van de blessuregevoeligheid. Op zoek naar speeltijd, ritme en interesse belandde Gill in Denemarken, bij Sönderjysk. ,,Wist dat daar geregeld scouts uit zuidelijke landen kwamen kijken.’’ Het was echter (opnieuw!) Frans Bouwmeester sr. die hem benaderde om naar NAC Breda te komen. ,,Ja, de voetbalwereld is dan klein.’’ In twee seizoenen kwam hij tot 31 wedstrijden. In 2015 toonde Ricardo Monitz interesse. De Nederlandse trainer was op dat moment werkzaam in Engeland, bij Notts County. ,,Ik ben gegaan, maar helaas werd Monitz na een maand of vier aan de kant gezet. Dat betekende voor mij een nieuwe coach, een Schot, die mij al snel voorhield ‘ik ken jou niet dus je kunt vertrekken’. Vervolgens doofde de carrière van Gill uit. De vraag was wel ‘hoe verder?’ ,,In mijn tijd bij NAC was ik begonnen om een trainersdiploma te behalen. Daarnaast keek ik rond bij een managementkantoor wat betreft scouting en het begeleiden van spelers. Dat bleek niet mijn ding, ik had meer met spelers en het trainingsveld. Met Guido Vader was ik al eens mee geweest om clinics te verzorgen aan jonge spelers. Zowel in Nederland als wereldwijd. ,,Daar wilde ik verder in gaan.’’
Hoofdtrainer
Een eerste stap in het trainersvak. Bij FC Antwerp, de onder 16. Een volgende stap was de onder 18, gevolgd door de Young Reds. ,,Ik heb nooit gesolliciteerd, ben stap voor stap opgeklommen. Zo kwam ik uiteindelijk terecht bij de Belgische Bond. Ik kende Frank Vercauteren uit zijn tijd bij Antwerp. Hij was naar de Bond vertrokken en benaderde mij in augustus 2023 om de Belgische Nationale U21 te gaan doen. Ik ben het gesprek aangegaan, merkte dat ik wel wilde doen en ben de uitdaging aangegaan.
Het is een voltijdse baan. De praktijk is dat ik zelf niet zo vaak met de spelersgroep op het veld sta. Daarentegen bezoek ik wedstrijden om spelers te beoordelen en te selecteren. We zitten in een poule van vijf landen. Een driestrijd is gaande met Oostenrijk en Denemarken. Alle drie met een sterke lichting. De twee resterende landen zijn Wales en Belarus. We gaan zien waar het eindigt.’’
Tot slot, hoe ziet Gill zijn toekomst? ,,Ik zou nog wel een keer hoofdtrainer worden.’’ En Feyenoord? Die club zit 100% in hem geworteld. ,,Ja, ik ben Belg, maar Rotterdam is mijn tweede thuis. In de belangrijke jaren van mijn persoonlijke ontwikkeling woonde ik er, en speelde en trainde op Varkenoord. Het heeft me gevormd.’’
Door: Gerard Vonk