Column • De mooiste Feyenoord-bloemen bloeien aan de rand van het ravijn
Dat was even schrikken. Waar wij dachten dat Feyenoord hem er deze zomer flink uit kon laten hangen, hield de club de hand op de knip. En onze concurrenten bleven maar kopen. Voor Feyenoord leek dit seizoen bij voorbaat verloren.
Waar wij dachten met het geld uit de Champions League, de verkoop van dure passe-partouts en de transfers van Ueda, Read en Hadj Moussa alles te kunnen kopen wat los en vast zat, kwamen we bedrogen uit.
Ueda kon voor €25 miljoen naar Fenerbahçe, maar hij wilde niet en uiteindelijk vertrok hij voor iets meer dan de helft naar Lille.
Read bleef, nadat Dévy Rigaux vasthield aan zijn vraagprijs en Nottingham Forest en AS Roma afdropen.
Hadj Moussa bleef ook. Hij zag op het laatste moment een transfer naar Saoedi-Arabië in rook opgaan. Naar verluidt had hij daar de komende vijf jaar €50 miljoen bij elkaar kunnen voetballen. Daar moest ik wel een beetje om grinniken, want dat is zo'n beetje wat ik per jaar krijg voor het schrijven van deze column.
Afijn, ook Hadj Moussa bleef en analisten meenden te weten dat Feyenoord nu zat opgescheept met een ongemotiveerde speler.
Tegen Barcelona en PEC Zwolle zagen we het tegendeel: Anis lijkt bevrijd en dat heeft ongetwijfeld alles te maken met de tactische keuzes van Gio en Sipke en de komst van enkele nieuwe spelers (Vanhoutte, Marmol) die het elftal beter laten voetballen.
Dat de transfer van Hadj Moussa niet doorging, betekende dat Feyenoord kon fluiten naar de €44 miljoen die met Al-Ittihad was overeengekomen. Tel daar de gemiste miljoenen voor Read bij op plus het feit dat Eenhoorn en Rigaux zich kapot zijn geschrokken van het veel te dure Rotterdamse huishoudboekje, en je begrijpt dat de directie ingrijpt en saneert.
Veel supporters beleefden een déjà vu. Begin jaren negentig werd Feyenoord bijna meegezogen in de ondergang van hoofdsponsor HCS. Jaren later stond Feyenoord met de Grote Kale Leider aan het roer onder curatele.
Maar Feyenoord komt altijd weer boven. In 1990 waren we op sterven na dood. In 1991 wonnen we de beker. In 1993 werden we kampioen.
In het seizoen 2015/2016 wisten we negen wedstrijden achter elkaar niet te winnen. We verloren zelfs zeven keer achter elkaar. In 2017 werden we kampioen.
Moelijke tijden vormden altijd de basis voor nieuwe successen. Ze gaven ruimte aan talent. Georginio Wijnaldum en Leroy Fer kregen een kans. En later Stefan de Vrij en Bruno Martins Indi. In tijden waarin Feyenoord weinig te besteden had, bleek de eigen jeugd geen straf, maar een zegen.
Aan de rand van het ravijn bloeien de mooiste bloemen en in Rotterdam dragen die bloemen exotische namen als Gjivai Zechiël, Shaqueel van Persie, Jerayno Schaken en Jivayno Zinhagel. Zij geven gezicht aan een nieuw Feyenoord en wij zijn de gelukkigen die daarvan getuige mogen zijn.
Geniet ervan.
Frans