Column • KNVB: maffia
Er zijn van die onderwerpen waar je als Feyenoord-supporter liever omheen draait. Omdat de conclusie ongemakkelijk is. Omdat het schuurt met het idee dat sport eerlijk hoort te zijn. Maar op een gegeven moment wordt wegkijken moeilijker dan benoemen wat je ziet. En steeds meer supporters vragen zich af: hoe toevallig is het nog dat Feyenoord zó vaak aan de verkeerde kant van scheidsrechterlijke beslissingen staat?
Vooropgesteld: zelf doen we ook genoeg fout. We spelen de meeste wedstrijden zwaar onder ons niveau, laten een niet-functionerende trainer veel te lang zitten en halen alles uit de kast om hem maar niet weg te hoeven sturen. We laten blessuregevallen opstapelen en bij de fitte spelers lijkt de pijp na 75 minuten echt volledig leeg. En onze clubleiding blijft erop los blunderen… Op al deze vlakken kunnen we de hand in eigen boezem steken.
Maar bovenop dit alles stapelen in dit seizoen de discutabele momenten zich op. Wedstrijden waarin een overduidelijke overtreding in het strafschopgebied wordt genegeerd: geen penalty, geen VAR-correctie, niets. Alsof het incident simpelweg niet bestaat. Duidelijke overtredingen worden te snel weggewuifd, of die gele kaart voor een tegenstander na een overtreding die elders in de competitie steevast met rood wordt afgedaan. De grens van wat “ernstig” is, lijkt plots rekbaar, afhankelijk van het shirt dat je draagt.
En dan de buitenspelsituaties. Millimeterwerk, wordt er gezegd. Maar opmerkelijk genoeg vallen die millimeters zelden de kant van Feyenoord op. Doelpunten worden afgekeurd op basis van twijfelachtige lijnen, terwijl vergelijkbare situaties bij andere clubs opvallend vaak wél doorgaan. Toeval? Misschien. Maar hoe vaak kun je dat blijven zeggen voordat het ongeloofwaardig wordt? Dit zijn geen incidenten meer. Dit is een patroon. En patronen vragen om uitleg.
Alsof dat nog niet genoeg is, wordt het gevoel van ongelijkheid verder aangewakkerd door het beleid rondom vuurwerkincidenten. De KNVB wil streng tegen vuurwerk optreden, dat is wel duidelijk en staat bij hen niet ter discussie. Maar wat wél ter discussie staat, is de consistentie. Of beter gezegd: het gebrek daaraan. Wanneer Feyenoord of sommige andere clubs betrokken zijn, volgen harde maatregelen: boetes, vaksluitingen enzovoorts — strenge sancties zonder veel ruimte voor nuance. Maar zodra er een zekere andere club betrokken is en in vergelijkbare (of zelfs extremere) situaties terechtkomt, lijkt de toon ineens anders. Dan is er begrip, context, verzachting. Dan wordt er gekeken naar omstandigheden in plaats van alleen naar de overtreding zelf. Dat is geen handhaving. Dat is meten met twee maten.
En precies daar wringt het. Want een competitie kan alleen geloofwaardig zijn als de regels voor iedereen hetzelfde zijn; niet alleen op papier, maar juist in de praktijk. Zodra supporters het gevoel krijgen dat hun club structureel anders wordt behandeld, verdwijnt het vertrouwen. En zonder vertrouwen blijft er van sport weinig meer over dan frustratie.
Niemand vraagt om bevoordeling. Feyenoord-supporters vragen niet om cadeautjes, alleen om gelijkheid. Om scheidsrechters die consequent fluiten. Om een VAR die consequent op de lijn zit en zich niet plotseling stilhoudt wanneer er moet worden ingegrepen; die zware overtredingen bestraft met rood en strafschoppen wel of niet toekent, zonder daarin te marchanderen. Om een voetbalbond die rechtlijnig handelt. Om een competitie waarin de uitslag op het veld wordt bepaald en niet in een VAR-ruimte of in vergaderkamers op basis van interpretaties achteraf.
De KNVB kan dit gevoel blijven wegwuiven als emotie. Als supporterspraat. Maar dat maakt het probleem niet kleiner; het maakt het alleen maar groter. Want zolang dezelfde patronen zich blijven herhalen, blijft die ene term rondzingen. Hard, ongenuanceerd, maar voor velen steeds minder onlogisch: KNVB: maffia.
Rood-witte groet,
Roeland