Column • We zullen het voorlopig hiermee moeten doen
De klassieker was een treffen tussen twee ploegen die door falend technisch beleid zijn afgetakeld. De Amsterdammers hadden de moed om hard in te grijpen. Feyenoord nam zoals gewoonlijk een halfslachtige beslissing: de trainer werd onder curatele gesteld zonder dat iemand dat hardop durfde te zeggen.
De beslissing om Robin van Persie niet te ontslaan werd gemotiveerd met de opmerking dat je nooit weet of de aanstelling van een andere trainer automatisch voor een ommekeer zorgt. Zondag bleek dat zo'n trainerswisseling inderdaad geen zekerheid biedt. We troffen een tegenstander die vooral bang leek om te verliezen. Ze loerden op de counter, maar bakten er weinig van. Twee schoten op doel, meer was het niet. Het wrange is dat één daarvan wel gewoon binnenviel. En eerlijk is eerlijk: de halfslachtige aanpassing bij ons leek wel een positief effect te hebben gehad. Al was ons spel niet bepaald indrukwekkend. Wat overheerste was de opluchting omdat we dit keer niet compleet werden weggespeeld. Dat zegt eigenlijk al genoeg.
De supporters hadden zich ook aangepast. Geen spandoeken die opriepen tot een grote schoonmaak en geen cynische spreekkoren. Het indrukwekkende doek dat vanaf de tweede ring naar beneden rolde bij de aftrap zette de toon. Hulde aan de makers! Vanaf de eerste minuut vervulde het Legioen weer de rol van twaalfde man. Alleen vlak na de onverwachte en onverdiende 0-1 was het even muisstil, daarna werd het team weer hartstochtelijk aangemoedigd. Na afloop sprak Jakob Moder er met bewondering over.
Dat neemt niet weg dat het nog steeds niet best was wat we te zien kregen. Tijdens de wedstrijd hoorde ik de nodige commentaren, scheldpartijen, vloeken en verwensingen. Maar tegelijk hoorde ik ook voldoening over iets wat de vorige thuiswedstrijden ontbrak: organisatie en inzet. De veldbezetting was zichtbaar beter dan in de voorgaande wedstrijden. De linies stonden dichter op elkaar, het middenveld lag niet meer open na elk balverlies en de verdediging oogde zowaar stabiel. Maar nog belangrijker: er was weer strijdlust. Dat voelde het publiek haarfijn aan. Er werden zelfs complimenten uitgesproken, iets wat de laatste tijd zeldzaam was. Vooral Jordan Lotomba, vaak mikpunt van kritiek, kreeg waardering voor zijn optreden.
Het leidde op de tribune tot de te verwachten discussie waaraan het lag. Was dit de hand van Dick Advocaat? Alleen al het stellen van die vraag is dodelijk voor de carrière van Robin van Persie als trainer. Het is ook tekenend voor het wanbeleid bij Feyenoord. Van Persie had na die reeks uitermate slechte wedstrijden natuurlijk gewoon op non-actief gesteld moeten worden. Die maatregel wilde Dennis te Kloese niet nemen, omdat hij zichzelf daarmee een brevet van onvermogen had opgespeld. Wekenlang nam hij geen enkele beslissing en bleef onbereikbaar voor de media. Een paar dagen voor de klassieker kwam hij opeens aan de pers melden dat Dick Advocaat als adviseur was aangesteld. De trainer werd dus niet ontslagen, maar onder toezicht geplaatst. Een halfslachtige oplossing om het Legioen te sussen.
Het tekent het ontbreken van een goed technisch beleid bij Feyenoord. Er worden nog steeds geen knopen doorgehakt. De clubleiding houdt zich vast aan de hoop dat het wel goedkomt. Zo strompelen we naar het einde van de competitie met een trainer die onder curatele staat, miljoenen aan miskopen op de reservebank en een peperdure veteraan op linksbuiten. Het is triest, maar voorlopig zullen we het hiermee moeten doen.
Met rood-witte groet,
Hasko