Conclusies uit de data: Feyenoord krijgt hardnekkig probleem maar niet opgelost
Feyenoord verloor zondag kansloos van FC Twente. Het werd 2-0 in de Grolsch Veste. Voor Feyenoord alweer de zevende nederlaag in de competitie. Wat leert een blik op de onderliggende data? Dat Feyenoord de tweede helft een gênante flatline liet zien, dat het niet onder de druk uitkwam terwijl de lange bal niet werkte, en dat het nog steeds geen antwoord heeft gevonden op de te grote ruimtes op het middenveld.
Het was slechter dan het leek
De nummer 2 van de VriendenLoterij Eredivisie had werkelijk helemaal niets in te brengen tegen het goed draaiende FC Twente, waar contractspeler Ramiz Zerrouki en oud-Feyenoorder Thomas van den Belt (bijna) de hele wedstrijd speelden. De Expected Goal (xG) data is nog genadig voor de Rotterdammers: een xG van 0.81 tegen 1.43 voor de thuisploeg, wat Feyenoord nog een winstkans van 20% opleverde. Het is vooral de kans van Jakub Moder in de eerste helft, en in mindere mate de bal op de paal van Anis Hadj Moussa, die het xG-getal nog wat oppoetst. Ook bijvoorbeeld het balbezit oogt minder slecht dan de wedstrijd van Feyenoord was: 53% voor Twente en 47% voor Feyenoord. Wie de wedstrijd gezien heeft zal echter niet het gevoel hebben dat Feyenoord deze wedstrijd in 1 van de 5 gevallen gewonnen zou hebben.
Gênante flatline
Het meest opvallende feit van deze wedstrijd: na de 48e minuut, toen Jordan Lotomba vlak voor het doel over de bal struikelde, heeft Feyenoord geen enkele doelpoging meer weten te noteren. Nul. Als je naar het match dashboard kijkt, dan zie je vanaf dat moment een flatline, zonder zelfs maar de kleinste opleving. Niet alleen geen grote kansen, maar zelfs geen enkel schot. De vaak toch bepalende Hadj Moussa kon niks creëren, Ayase Ueda kwam niet in de buurt van een kans en ook sterspeler Raheem Sterling kon voor geen enkel gevaar zorgen. Ook het aanwijzen van Tsuyoshi Watanabe als pinch hitter bracht afgerond naar boven helemaal niets.
Lange ballen komen niet aan
Feyenoord slaagde er simpelweg niet in onder de druk van FC Twente uit te voetballen. De linksback was de vrije man. Vooral nadat Gijs Smal het veld noodgedwongen moest verlaten, was dat de rechtsbenige Jordan Lotomba. Het lukte hem, en dus Feyenoord niet de weg naar voren te vinden via een verzorgde opbouw. De enige optie die Feyenoord had was om de lange bal te spelen. Feyenoord deed dat in totaal 50 keer, waarbij slechts 20 van die lange ballen bij een groen Rotterdams jubileumshirt terechtkwamen (40%). Ter vergelijking: Twente gaf 69 lange ballen, waarvan er 39 aankwamen (57%).
Veldbezetting klopt niet
Ook in de veldbezetting vond Feyenoord geen oplossingen. Ook Twente koos vaak voor de lange bal, maar wist daaruit wel degelijk gevaarlijk te worden. Om te voorkomen dat Twente de ruimtes tussen de linies kon benutten, stapte met name Anel Ahmedhodžić vaak door, waardoor Feyenoord over het hele veld één-tegen-één kwam te staan. Gevolg: elke doorgekopte bal was gevaarlijk, met de kopsterke spits Sam Lammers en de snelheid op de flanken. Twente daarentegen had geen doorgestapte centrale verdediger nodig om Feyenoord vast te zetten, waardoor zij verdedigend steeds met een man meer stonden. En dus elke lange bal vrij gemakkelijk onschadelijk konden maken. Het feit dat Ueda vrijwel geen enkel duel won en als hij die wel won alleen stond, hielp daar ook niet bij.
Te grote ruimtes
Ook de tweede ballen waren vaak niet voor Feyenoord. Je moet wel je duels winnen, klonk het achteraf. Maar Feyenoord won er meer (65) dan Twente (48). Het probleem was dat het middenveld van Feyenoord in veel te grote ruimtes terechtkwam. Waar de Twentse middenvelders steeds kort op elkaar stonden, waren de afstanden tussen de Feyenoorders simpelweg te groot. Zo konden Van den Belt en Zerrouki, die te licht bevonden werden om 'het niveau van Feyenoord' aan te kunnen, hun Rotterdamse tegenstanders met speels gemak keer op keer uitspelen. Zo hadden ze zondag in elk geval weinig moeite met het niveau van Feyenoord. Luciano Valante benoemde de te grote ruimtes na afloop. Overigens lijkt dit een hardnekkig probleem, dat de technische staf maar niet opgelost krijgt. Al maanden lukt het Feyenoord heel moeizaam onder de druk van tegenstanders uit te spelen.
Kwetsbaar in de omschakeling
Nog erger is de dreiging die bij zo ongeveer elke omschakeling op de loer ligt. Door de grote afstanden kost het tegenstanders vaak erg weinig moeite om de weg naar het Feyenoord-doel te vinden. Oud-Feyenoorder Johan Cruijff legde het ooit in heldere bewoordingen uit. Als trainer van Barcelona slaagde hij erin weinig weg te geven en veel prijzen te pakken. Met Ronald Koeman en Pep Guardiola als centrale verdedigers. Bepaald geen goede verdedigers, zo grapte Cruijff. Maar verdedigen gaan alleen maar om ruimtes. In de woorden van Cruijff: “als ik de hele tuin moet verdedigen, ben ik de slechtste. Als ik dit hele kleine stukje moet verdedigen, ben ik de beste.” Daar komt nog bij dat de Feyenoord verdedigers structureel naar achteren blijven lopen als Twente in de aanval is. In plaats van druk op de bal te geven. Dat vergroot de ruimtes, en de bijbehorende problemen, nog meer. Ook dit euvel zien we wekelijks terug.
Tikkie terug
Ook de passmap maakt dat direct duidelijk. De dominante figuur is een driehoek tussen Tsuyoshi Watanabe, Ahmedhodžić en keeper Timon Wellenreuter. Zij tikten elkaar veelvuldig de bal toe, maar zonder enig effect. De aansluiting met de middenvelders, laat staan de aanval, was volstrekt afwezig. Waar Smal dus tot zijn trieste aftocht nog aardig wist in te vullen, kwam Feyenoord er daarna totaal niet meer uit. We kunnen ervan uitgaan dat ook in de komende wedstrijden de tegenstanders het FC Twente-recept qua druk zetten gaan kopiëren. Op basis van de afgelopen maanden kunnen we er helaas niet met al te veel vertrouwen in hebben dat Feyenoord in de komende week ineens wel een oplossing vindt.
En dat is heel erg zorgelijk in de strijd om plek 2.
Statistieken